241 Things

1000 Things is een subjectieve encyclopedie van inspirerende ideeën, dingen, personen en gebeurtenissen.

Lees de meest recente artikelen, of mail de redactie om bij te dragen.

Studium Generale 1000things lectures, The Hague

241 Things

Internetencyclopedie Wikipedia behoort tot de zes best bezochte websites in Nederland. Vreemd genoeg is deze kennisbron geheel gevuld door vrijwilligers, die er dus niet voor betaald krijgen en in hun vrije tijd lemma’s schrijven. Curieus dat het überhaupt werkt. De Nederlandse Wikipedia bestond in juni 2012 vijftien jaar.

Vrijwel dagelijks gebruik ik Wikipedia en vergelijk regelmatig gelijksoortige lemma’s in verschillende talen. Leuk en leerzaam, al schrijf ik zelf geen lemma’s. Jammer misschien, want de beste manier om de encyclopedie te verbeteren is door er actief aan bij te dragen. Dat is het belangrijkste principe van Wikipedia: twee weten meer dan één.

Momenteel wordt de Nederlandse Wikipedia voornamelijk gevuld door hoog opgeleide mannen van rond de dertig. Vrouwen en mensen boven de veertig brengen nauwelijks wat in. De Nederlandstalige online encyclopedie bevat momenteel meer dan 600.000 artikelen. De Engelstalige versie is het grootst met ruim 3.100.000 artikelen.

Kunstenaars mopperen vaak over de lemma’s die over hen in Wikipedia staan en waarvan de feiten niet kloppen. Dat valt zo te verhelpen, ze kunnen een opmerking plaatsen op de overlegpagina van het artikel, met een verwijzing naar de juiste bronnen. Bekende Nederlanders die met rechtszaken dreigen, trekken vrijwel altijd bij als ze horen hoe makkelijk de lemma’s gecorrigeerd kunnen worden. Een enkele keer valt informatie niet te beschermen. Een actrice die bijvoorbeeld niet met haar meisjesnaam in de encyclopedie wilde, kon hier niets tegen ondernemen omdat die op talloze andere plekken online te vinden is. De informatie werd dus niet geschrapt.

Toch baart de manier waarop Wikipedia functioneert critici zorgen. En dan gaat het vooral om de neutraliteit en betrouwbaarheid van de lemma’s. Welk controlerend mechanisme bewaakt Wikipedia als in principe iedereen ‘van goede wil’ mee mag doen? Maar de feiten logenstraffen deze argwaan. Uit een onderzoek door het wetenschappelijke tijdschrift Nature uit 2005 bleek dat de Encyclopedia Britannica maar een heel klein beetje beter is dan de Engelstalige Wikipedia. En afgelopen vijf jaar is de Wikipedia zo gegroeid en verbeterd dat het de vraag is wie nu de beste zou zijn.

In maart werd in de Openbare Bibliotheek in Amsterdam een Wikipedia Conferentie gehouden, ‘Critical Point of View’, waar kritisch gekeken werd naar de problemen van Wikipedia. In deze twee dagen werden internationale Wikipediaversies tegen het licht gehouden en hun voor- en nadelen uitvoerig besproken. De Nederlandse Wikipedia heeft een pagina waarin de nadelen punt voor punt worden opgenoemd. Zoals: ‘de meerderheid heeft niet altijd gelijk’ en ‘mallotige en moedwillige verkeerde bijdragen worden snel serieus genomen’. Wikipedia kan geen garantie geven voor de juistheid en kwaliteit van de informatie. Men geeft ook toe dat vanwege het open karakter van het project, vandalisme hier en daar een probleem is.

De Amerikaanse conceptuele kunstenaars Scott Kildall en Nathaniel Stern experimenteerden zoals velen voor hen met de encyclopedie. Zij creëerden Wikipedia Art, een artikel gemaakt als kunstwerk/performance dat iedereen kon bewerken. Maar aangezien het een conventionele pagina betrof in de Engelstalige Wikipedia, werd deze snel verwijderd. Het argument van de kunstenaars om de entry te behouden was dat dit ‘kunstwerk’ terug te vinden was in geloofwaardige bronnen: interviews, blogs, in teksten van media-instituten. Het argument om het te verwijderen was dat het om informatie ging die niet in een encyclopedie thuishoort. De actie lijkt een vergeefse poging om de encyclopedie als ‘kunstplatform’ te gebruiken. Op de website wikipediaart.org is het debat rond dit project terug te lezen.

Een ander wikikunstproject, opgestart door Wikimedia Nederland, is de fotowedstrijd Wiki Loves Art/NL. Vorig jaar juni mochten de bezoekers die meededen aan deze wedstrijd foto’s maken van kunstwerken in verschillende musea – wat normaal gesproken meestal niet mag. Ongeveer 5000 foto’s werden ge-upload naar fotowebsite Flickr, en ter beschikking gesteld van Wikipedia onder een creative commons licentie. Onder de winnende foto's was een foto van een Gispenlamp; verfstreken op het schilderij van Isaac Israëls en een vakantiehuisje van Rietveld. Bladerend door de website met amateurfoto's valt op hoe verschillend hetzelfde werk eruit kan zien door een andere lichtval, of eenvoudigweg door een vreemde fotohoek te kiezen. Dat viel grafisch vormgever Hendrik-Jan Grievink ook op. Hij ontwierp eerder het memoryspel Fake for Real, waarbij twee dezelfde kaartjes net iets verschillen: de afbeelding op de een is 'echt' en op de andere 'nep'. Bijvoorbeeld een foto van een echte clownvis tegenover een plaatje van Little Nemo uit de animatiefilm van Disney.Grievink is momenteel druk bezig met een kunstboek Wiki Loves Art, en zoekt naar de verschillende invalshoek van de amateur: schilderijen zijn gefotografeerd zonder frame, heel pixelig of juist extreem scherp. Door het spelen met de vele foto's uit de amateurcolllectie wil Grievink zowel een verslag maken als beelden 're-mixen'.

Afgelopen jaar doneerde het Koninklijk Instituut voor de Tropen beeldmateriaal van onze voormalige koloniën Suriname en Indonesië, deze foto's werden digitaal 'gerestaureerd' door vrijwilligers (zo bewerkt dat de afbeelding duidelijker werd). Het Tropenmuseum verspreidt informatie via de online encyclopedie over de Surinaamse Marrons, afstammelingen van Afrikanen die door slavenhandelaars onder dwang naar Suriname zijn gehaald. Ook worden bijschriften voor de Indonesische Wikipedia door vrijwilligers in het Bahasa Indonesia vertaald. Instituten als het Tropenmuseum hebben baat bij het archiveren van foto’s door Wikipedia. Het materiaal wordt fanatiek gebruikt en door vrijwilligers verbeterd en voorzien van secundaire informatie (metadata). Dit betekent niet alleen dat meer mensen van de collecties kunnen profiteren, het houdt ook in dat de collecties zelf aan betekenis winnen.

Natuurlijk zetten musea en archieven hun collectie op hun eigen website, maar de mankracht en de kritische massa om informatie te verbeteren hebben ze niet en een collectie digitaliseren maakt die niet per se zichtbaar. Het brede publiek bereik je er niet mee, door samen te werken met Wikimedia/pedia ben je makkelijker vindbaar in zoekmachines en bereik je een andere doelgroep. Daarnaast blijft een encyclopedie natuurlijk een encyclopedie, het is geen online museum of archief.

Voor veel musea is de gedachte geen controle meer te hebben over de collectie, door beeldmateriaal onder een vrije licentie te doneren, een denkomslag. Natuurlijk heeft die licentie voorwaarden zoals bronvermelding, maar vaak wordt het materiaal ook commercieel vrijgegeven. En ontwikkelen musea andere businessmodellen om kunst en cultuur op de voorgrond te brengen via een platform als het internet. De eerste stappen om materiaal, gemaakt met publieke gelden, ter beschikking te stellen aan het publiekdomein worden gemaakt. Met dat materiaal mogen we nu allemaal mee aan de slag, goed voor de creativiteit en wie weet uiteindelijk ook voor de kunst.

De Nederlandse versie van de tekst verschijnt binnenkort.

Kunst ontstaat niet meer in de eenzaamheid van het atelier, maar vooral in dialoog met anderen, ook al zijn die misschien niet lijfelijk aanwezig. Narratieve en interactieve aspecten vormen een belangrijk onderdeel van het werk. Originaliteit en eeuwigheidswaarde, kenmerken van de modernistische kunst, doen er in de huidige tijd minder toe. Wel van belang blijft de, vermoedelijk, diepgewortelde behoefte aan onsterfelijkheid en voortdurende behoefte aan zelfbevestiging: ‘ik besta!’

De gemedialiseerde wereld en toegankelijkheid van de technische mogelijkheden heeft de kunst verder gedemocratiseerd. Ieder individu kan zich makkelijk uitdrukken en kenbaar maken. Op een vergelijkbare manier wisten de massa’s zich aan het begin van de vorige eeuw zichtbaar te maken door het gebruik van film en fotografie. Mensen willen sporen achterlaten, hoe triviaal ook. Die behoefte kan worden opgevat als het voortdurend herscheppen van de identiteit. Wat zij denken en doen, neemt een tijdelijke vorm aan in de voortdurende ontmoeting met de ander. Het is deze behoefte die voor jongeren van nu een eerste levensbehoefte is geworden. Internet en de mobiele telefoon zijn heel geschikt om als artistieke middelen ingezet te worden. Vooral dankzij de mobiele telefoon kunnen we tegelijkertijd in meer contexten bestaan of “De mobiele telefonie kan, vanuit de mediaspecifieke eigenschappen bezien, de typisch narratieve elementen aantasten, zoals eenheid van plaats (setting) en lineaire causaliteit in tijd (plot) alsmede het beeld van een consistent, bedachtzaam en autonoom karakter (uniciteit).” En “mensen worden vooral geboeid door ervaringen en niet-rationele, magische momenten die ze vaak moedwillig opzoeken.”1

Zij kunnen bij uitstek het eigen verhaal – narratief, auditief en visueel – in relatie brengen met dat van anderen over de hele wereld.

Kijkend naar de werkwijze van kunstenaars hoeft de uitwisseling van beelden en verhalen niet perse buiten de virtuele ruimte gestalte te krijgen in een krampachtige poging tot materialisatie. Het tijdelijke en onvolmaakte karakter van de resultaten is eigen aan het medium en de werkwijze. Het voorbijgaande en imperfecte in de kunst met de nadruk op wisselwerking en transitie, wordt gerepresenteerd door de Japanse term ‘wabi sabi’. Dit begrip drukt de relatie uit tussen schoonheid en vergankelijkheid. Leonard Koren beschrijft wabi sabi als “a beauty of things imperfect, impermanent, and incomplete.” De kunstenaar gebruikt in toenemende mate de vluchtige beelden die ons mondiaal via de media bereiken en verwijst hoe langer hoe meer naar een gemeenschappelijk referentiekader.

Het werk is geen afbeelding meer van de leefomgeving. De oorsprong en de aanleiding van het werk zelf ligt daarin of sterker nog: het maakt er deel van uit. Het krijgt een plaats op internet en in de omgeving, de samenleving en in het denken. En opnieuw gaat het kunstwerk niet over massacommunicatie of over interculturaliteit. Het draait om de articulatie, de confrontatie en om het bedenken van gedeelde verhalen zonder een vooropgezet einddoel. “De arena van uitwisseling”, zoals Bourriaud2 de hedendaagse kunst typeert, is een goede omschrijving van het virtuele platform van ontmoeting waar de kunstenaar deel van uitmaakt. Doordat kunstenaars een artistieke in plaats van een alledaagse vorm hanteren, wordt het alledaagse bijzonder en het bijzondere gewoon. Het spoor dat hun werk achterlaat of de herinnering daaraan is het bewijs dat ze in staat waren even deel uit te maken van een cultuur op een al dan niet virtuele plek op een bepaald moment.

    1Nieuwdorp, Eva (2005/6), Playful Identities. From Narrative to Ludic Self-construction.Voortgangsrapportage. Rotterdam: Erasmus Universiteit.
    2
    Bourriaud, Nicolas (ed) (2009). Tate Triennial. London: Tate Publishing.
Untitled (Weibo), screengrab taken through untitledinternet.com. Constant Dullaart 2013
Untitled (Weibo), screengrab taken through untitledinternet.com. Constant Dullaart 2013
Untitled (Weibo), screengrab taken through untitledinternet.com. Constant Dullaart 2013
Untitled (Weibo), screengrab taken through untitledinternet.com. Constant Dullaart 2013

Het Facebook van China heet Weibo, en Whatsapp heet er Weixin. Google heet er Baidu, en Youtube Youku. Allemaal hetzelfde maar toch heel erganders. Zoals China een wereld op zich zelf lijkt te zijn, met een geheel eigen kijk op de wereld, is ook de kijk op het internet hetzelfde maar ook totaal anders. Alsof je door een heel ander soort raam naar de zelfde werkelijkheid kijkt. Wikipedia werkt er niet, en (onze)

Facebook kan je ook niet bereiken. De vervangende websites werken ongeveer hetzelfde, de verschillen zijn subtiel maar cruciaal. Zo moet je op Weibo inloggen met je Chinese identiteits nummer om er überhaupt op te komen. 'Niet harmonieuze' berichten worden niet gewaardeerd, en

je krijgt virtuele medailles als je deze schendingen aan de moderators meld. Sinds kort kan een bericht over een politicus er voor zorgen dat je de gevangenis in moet als het meer dan 500 keer gedeeld wordt.

Untitled (Weibo), screengrab taken through untitledinternet.com. Constant Dullaart 2013

Maar er is een oplossing. Zo kan je vanuit China, na betaling, gebruik maken van services die een 'virtual private network' aanbieden, waarmee je kan doen alsof je vanuit een ander land aan het internetten bent. Zo kan je toch nog op Facebook bijvoorbeeld want buitenlanders kunnen vrij op weibo.

Maar dankzij de NSA klokkenluider Edward Snowden weten wij dat vele Amerikaanse web services ook bijhouden wie wat zegt. Net als de Chinese internet diensten. En dat lijkt de beste tactiek te zijn, om mensen op het internet in de gaten te houden, zoals ook tijdens de Arabische lente is gebleken. Je mag zeggen wat je wil op het internet, er wordt alleen voor altijd bijgehouden wat je hebt gezegd, en dit kan later nog tegen je worden gebruikt.

Met een aangepaste Chinese identiteits code van een kennis heb ik een Weibo account aangemaakt. En na automatische website vertaling kijk ik uit dat andere raam naar het internet. Dit steeds veranderende uitzicht op het landschap van het internet blijft vragen om een kritische blik, en nieuwe kunstwerken over dit landschap. Hiervoor is het goed om zoveel mogelijk te zien, en te kijken of we nog een echt mooi landschap kunnen ontdekken.

http://www.bustle.com/articles/5443-china-teen-weibo-user-detained-for-post-as-communist-partys-web-censorship-cracks-down

http://www.constantdullaart.com/youkube.png

YouKu / YouTube, Constant Dullaart 2012, online video.

Untitled (Weibo), screengrab taken through untitledinternet.com. Constant Dullaart 2013