241 Things

1000 Things is een subjectieve encyclopedie van inspirerende ideeën, dingen, personen en gebeurtenissen.

Lees de meest recente artikelen, of mail de redactie om bij te dragen.

Studium Generale 1000things lectures, The Hague

241 Things

Marcu Pantus is zanger, directeur en regisseur. De bas-bariton studeerde aan het Utrechts Conservatorium en het Koninklijk Conservatorium te Den Haag en aan het Steans Institute for Young Artists in Chicago (VS).

Hij soleerde onder andere met het Rotterdams Philharmonisch Orkest, het Residentie Orkest, het Schönberg Ensemble, het ASKO Ensemble, het Gelders Orkest, het Noord-Nederlands Orkest, het Utrechts Barok Consort, de Nederlandse Bachvereniging, The Royal Philharmonic Orchestra en de Bochumer Symphoniker.

Marc Pantus heeft verscheidene operarollen op cd opgenomen, waaronder Publio in La clemenza di Tito van Mozart en Pan in Pan and Syrinx van Galliard. Op het DGG label verscheen de opname van Bach’s meesterwerk de Mattheuspassie (Jezus) in de veelbesproken hertaling van Jan Rot. Daarnaast heeft hij een rijk oeuvre met onder andere het Calefax Rietkwintet bij het programma Wij Waterlanders, de kameropera The Man at the Piano tijdens Operadagen te Rotterdam, Don Geronio in Rossini’s opera Il Turco in Italia en Elias van Mendelssohn in concerten in Nederland en Vlaanderen.

Armata Christi in een fles
werken Marc pantus
Armata Christi in een fles

De calvarieberg in een fles.

Iedereen kent wel het intrigerende beeld van het scheepje in de fles.

Hoe is het toch mogelijk dat iemand dat hele ding met masten, zeilen, ra’s, gieken, gaffels, boegspriet en tuigage door de mond van de fles heeft gekregen, zo vragen wij ons in verrukking af. Wat een monnikenwerk en wat een grenzeloze beheersing moet de maker toch gehad hebben, nog afgezien van de enorme hoeveelheid tijd die in het maken van alleen al de onderdelen moet zijn gaan zitten.

Schepen lijken de enige zaken te zijn die hun weg naar de fles hebben weten te vinden. Ik zeg lijken, want er is wel degelijk een andere invulling voor de fles te vinden.


In het zuiden van Duitsland en in Oostenrijk worden sinds lang flessen op ingenieuze wijze gevuld met hele Golgotha’s. In simpel houtsnijwerk uitgevoerde kruisigingen van Christus met om dat kruis evenzovele Arma Christi, ofwel lijdenswerktuigen van Christus.

Arma, dat klinkt ook wel naar wapens en dat zijn het ook. De gelovige ziet in deze symbolen de wapens waarmee Jezus de strijd met de dood is aangegaan, en waarmee hij deze strijd ook heeft gewonnen.


Ik kende die lijdenswerktuigen voordien alleen van een leuk schilderkunstig thema, namelijk de zogenaamde Gregoriusmis. Paus Gregorius draagt een heilige mis op en als bij toverslag verschijnt aan hem Christus als man van smarten. Om hem heen staan, lukraak en stripverhaal-achtig op het doek of het paneel geschilderd, de Arma Christi.

Er zijn een heleboel van die werktuigen. De belangrijkste zijn kruis, doornenkroon, geselpaal, haan, spijkers, hamer, nijptang, dobbelstenen, ladder, lans en spons (op een lange rietstok). Maar de fanatiekeling kan verder gaan, met de doek van Veronica, de zilverlingen die aan Judas zijn betaald, met of zonder zakje er omheen, een hand (waarmee Christus geslagen is), een spugende mond, een portret van Pilatus, een geselinstrument met geknoopte touwtjes, een balsemfles, een koningsmantel, een lamp een fakkel, de kus van judas, de goede en de slechte moordenaar, een emmer (voor de azijn), een stuk papier met daarop INRI, de zon en de maan, een uitbeelding van de verloochening door Petrus, een waterkan en schaal (waarmee Pilatus zijn handen wast in onschuld) een beker (die hij niet aan zich voorbij kan laten gaan) en mijn favoriete lijdenswerktuig, een zwaard met een oor er aan.


Dat oor is van een knecht, en die knecht heet volgens de evangelist Johannes “Malchus”. In het heetst van de strijd in de hof van Olijven, waar Christus gevangen genomen moet worden probeert Petrus in zijn heethoofdigheid nog iets aan de situatie te veranderen, trekt zijn zwaard, en slaat de knecht van de hogepriester het oor af. En de knecht heette Malchus, zo staat het, toch wel een beetje komisch, in dat evangelie.

Aan de hand van deze symbolen kan je het hele verhaal reconstrueren van de gevangenneming in de hof van olijven tot aan de dood van Christus aan het kruis en zijn kruisafname (die de aanwezigheid van zoiets prozaïsch als een nijptang in de fles verklaart).


Ik ken ze heel goed, de passieverhalen van de evangelisten Mattheus en Johannes. Ik ken ze zelfs uit het hoofd, maar wel in het Duits. Dat komt zo: in mijn werk als klassiek zanger zing ik sinds mijn studietijd aan het conservatorium ieder jaar gedurende drie tot vier weken de passies van Bach. Nederland is koploper als het gaat om de hoeveelheid uitvoeringen van deze passies, die ofwel in de vertelling van Johannes dan wel in die van Mattheus worden uitgevoerd. In de loop der jaren moet ik het verhaal inmiddels vele tientallen keren uitgevoerd hebben, waarschijnlijk zelfs meer dan honderd keer per passie.

Voor de leukste details, waar de simpele houtsnijder in zijn winterse boerenhuis zijn mesjes op de houten blokjes kan laten botvieren, moet je bij Johannes zijn. Hij vertelt ons de naam van de knecht die het na de ontmoeting met Petrus met een oor minder moet doen, hij vertelt ons dat het spotkleed, dat Jezus wordt aangetrokken als hij als koning verkleed wordt “Ungenähet” is, “von oben an gewürket, durch und durch”. Zo ver gaat de meeste Geduldsflessenmaker, want zo worden ze ook wel genoemd, “Geduldsflaschen”, niet. Nog afgezien van wat dat eigenlijk precies betekent, “gewürket durch und durch” zijn de mogelijkheden van de gemiddelde beoefenaar van deze hobby niet zo, dat ze erg veel details kwijt kunnen in hun houten flesvulling. De dobbelsteentjes hebben doorgaans wel de juiste hoeveelheid stipjes, en je kan ook echt zien dat het een haan is die daar staat, niet zomaar een vogel, maar verwacht geen filigraan-achtig houtsnijwerk.


Het is volkskunst. Des te ontroerender zijn vaak deze flessen, waarin in de loop van de 20e eeuw ook uitgeknipte plaatjes en stukjes ansichtkaart in worden verwerkt. Om toch ook wat kunstigs te laten zien staan er soms ook cypres-achtige boompjes in de fles. Dat is vast veel makkelijker te maken dan het er uit ziet, en hoewel de cypres niet met naam en toenaam in de lijdensverhalen staat begrijpen we waarom het toch goed is dat ze er bij staan.

In dezelfde streken waar de kruisiging in de fles wordt gestopt zie je dit thema ook buiten de fles, in groot formaat, in de huizen hangen. Dan wordt het een Wetterkreuz genoemd, en op stormachtige dagen en nachten, als zwaar onweer de met riet bedekte hooimijten en boerderijen bedreigde zat het hele gezin bij het Wetterkreuz te bidden om er zodoende voor te zorgen dat God dit huis voor een blikseminslag zou behoeden.

De Eingerichte de ik zelf bezit heb ik allemaal op eBay gekocht en zijn door de post bij mij thuis bezorgd. Het mooiste exemplaar heeft helaas de reis niet goed doorstaan. Het goede nieuws is dat ik daardoor nu ook een exemplaar bezit waarin de aardbeving (een van de beroemdste passages van Bachs Mattheus Passion) in verwerkt is. En dat is zeldzaam.