241 Things

1000 Things is een subjectieve encyclopedie van inspirerende ideeën, dingen, personen en gebeurtenissen.

Lees de meest recente artikelen, of mail de redactie om bij te dragen.

Studium Generale 1000things lectures, The Hague

241 Things

December jongstleden was ik weer in Düsseldorf voor mijn jaarlijkse bezoekje aan de kunstenaar waar ik ruim 20 jaar geleden mijn scriptie over schreef.

Begin jaren 90 ontdekte ik, via een artikel in kunsttijdschrift Metropolis M en een stage bij Museum Boijmans van Beuningen, het werk van een relatief onbekende Duitse kunstenaar. Hij maakte grijze, kartonnen boekjes met series wat groezelige zwart-wit foto’s van vliegtuigjes in de lucht, vrouwenknieën en zwemmers die baantjes trokken in een zwembad.
Bij het Boijmans werd ik gestimuleerd om nader onderzoek te doen naar deze, in mijn ogen, wat schimmige kunstenaar. Interessant en ook avontuurlijk! Nadat ik steeds enthousiaster werd en ook ontdekte dat er erg weinig geschreven was over deze man stapte ik enerzijds welgemoed en anderzijds met lood in de schoenen naar mijn scriptiebegeleider om hem van de onderwerpskeuze voor mijn scriptie op de hoogte te stellen. Hij suggereerde me om de Duitse kunstenaar in levende lijve te treffen voor een goed gesprek over zijn werk. Oeps! Zo vanzelfsprekend was het niet voor een student Kunstgeschiedenis om een levende kunstenaar te treffen. Maar het was de enige mogelijkheid om veel informatie te vergaren en ik had ook wel zin in avontuur. Na een paar dagen dralen nam ik de telefoon en belde de kunstenaar op voor een afspraak. Niet gespeend van enig romantisch gedachtegoed omtrent ‘’het wezen van de kunstenaar’’ was ik verbaasd hoe snel hij instemde met een bezoek van een totaal onbekende student uit Groningen (als het nu nog Amsterdam was). Ik toog naar Düsseldorf, bandrecordertje in mijn tas, en belde bedeesd aan bij een fraai appartementengebouw uit het begin van de 20e eeuw. Wederom verbazing! De man stond minstens zo onwennig tegenover mij als ik tegenover hem. Hij rond de vijftig, ik ergens in de twintig. Hij vroeg zich af wat een student Kunstgeschiedenis uit Die Niederlande in godsnaam bij hem te zoeken had. Ook vertelde hij me dat hij eigenlijk niet van woorden hield en dat hij niets te zeggen had over zijn, inderdaad, uitgesproken beeldende werk. Ja, daar zit je dan samen in een werkkamer aan een groot bureau waarop ook allerlei mappen vol afbeeldingen lagen! Uit verlegenheid pakte ik maar mijn zelfgesmeerde boterhammen en begon deze op te peuzelen. Achteraf bleek dit het magische moment waarop de kunstenaar er in begon te geloven dat deze student best eens een heel goed verhaal over hem zou kunnen schrijven. In een latere brief liet hij mij weten dat het meebrengen van eigen boterhammen hem en mij op een zelfde golflengte had gebracht.

de kunstenaar

De scriptie werd geschreven en goed beoordeeld door zowel universiteit als kunstenaar. En inderdaad, afgelopen december zocht ik hem voor de zoveelste maal op. Hij, inmiddels een stuk beroemder dan destijds. Ik, na wat omzwervingen in de kunstwereld als leraar aan de kunstacademie in Groningen. Deze kunstenaar (nu begin 70) heeft inmiddels een prestigieuze kunstprijs voor, let wel, jonge kunstenaars gewonnen (het werk had volgens de jury een uiterst frisse uitstraling). Ook had hij afgelopen jaar een grote overzichtsexpositie in Hamburg.

Shadow Play (2002-2012)

En verdomd: de laatste keer dat ik hem bezocht voelde ik weer die spanning van twintig jaar geleden toen ik voor de eerste maal naar hem toe ging. Een inmiddels beroemde kunstenaar die een afspraak heeft met iemand die in een vroeg stadium een scriptie over hem schreef. Heeft dat bestaansrecht? Confronterend dat je als volwassen mens dan toch weer in oude gedachtepatronen schiet. Meteen na aankomst op zijn woonplek neemt hij me mee naar een cafetaria aan een Dusseldorfse winkelstraat en laat me weten dat de regelmaat van onze ontmoetingen hem dierbaar is. Ik heb al vaker met hem in dit café gezeten en hijzelf zit hier elke dag, leest wat en kijkt vooral naar het straatleven. Veel bijzonders en hoogdravends wordt er tijdens onze ontmoetingen niet gezegd en toch weet hij me bij elke ontmoeting enkele nieuwe perspectieven op de wereld om ons heen mee te geven. Hoe klein deze dan ook mogen zijn, ik verlaat elke keer onze afspraak met extra lucht in mijn longen. De vroegere Nederlandse curator Gosse Oosterhof heeft hem eens een ‘’professionele voyeur’’genoemd. En inderdaad weet deze man de alledaagse wereld met zijn beeldende en toch ook, ondanks zichzelf, verbale kaders even bijzonder te maken. Een grote gave, vind ik, en ik ben blij dat ik destijds die zelfgesmeerde boterham soldaat heb gemaakt. De naam van de kunstenaar is trouwens Hans Peter Feldmann.

Zie de documantaire op http://www.cobra.be

Hans-Peter Feldmann in de galerie en boekwinkel Wien Lukatsch

http://www.ingemarleenbooks.com/blog/wienlukatsch/

Hans-Hans-Peter Feldmann, Ursula + Hans-Peter.
Gardner