241 Things

1000 Things is een subjectieve encyclopedie van inspirerende ideeën, dingen, personen en gebeurtenissen.

Lees de meest recente artikelen, of mail de redactie om bij te dragen.

Studium Generale 1000things lectures, The Hague

241 Things

Heb je jezelf ooit afgevraagd wat er door het hoofd van een hond gaat? Ik wel, vooral bij de twee honden die ik heb gehad. Ze waren mijn beste vrienden en ik zal ze nooit vergeten.

Als kind had ik geen vriendjes, en dus dachten mijn ouders dat het een goed idee zou zijn een hond te nemen. Uit het asiel adopteerde we Tosca, een negen jarigeherdershond. Deze oude hond werd mijn beste vriend. Het was alsof zij zichzelf als mijn beschermer zag, en ik als haar pup. Maar gezien haar oude leeftijd ging ze maar een paar jaar mee. Op en dag, terwijl ik haar aaide, zag ik dat haar tepels bloedden. Ik rende naar boven om het mijn moeder te vertellen. Met een zachte stem antwoordde ze dat we met Tosca naar de dierenarts moesten. Haar onveranderende gezicht en zachte stem stelde mij gerust, en ik dacht dat alles wel goed moest komen. Toch moest ik heel de weg naar de dierenarts huilen.

Mijn voorgevoel bleek juist. De dierenarts vertelde dat ze borstkanker had. Ik weet nog dat ik dacht dat het niet zo erg was, kanker kan worden genezen. Maar zo gemakkelijk zou het niet zijn, ze was oud en ze zou veel te veel aandacht eisen. Daar hadden mijn ouders niet het geld of de tijd voor. Destijds kon ik hier geen begrip voor opbrengen. Ik was zo boos dat ze haar lieten inslapen.

Ze was mijn beste vriend! Dat wisten ze toch! Ze mag nog niet gaan!

Die nacht stierf een van mijn beste vrienden. Ze likte de tranen weg die over mijn wang rolden terwijl ik haar vasthield. Het had andersom moeten zijn.

Nog steeds vraag ik me af wat door haar heen ging. Wist ze dat ze ziek was? Begreep ze wat er met haar gebeurde? Ik voelde me schuldig omdat ik degene was die haar bloedende tepels had ontdekt. Als ik niets had gezegd had ze misschien nog een dag kunnen leven. Dan had ik afscheid kunnen nemen, en had ik haar de mooiste dag van haar leven kunnen geven.

Haar overlijden liet een groot gat achter. Weer voelde ik me alleen als ik thuis kwam. Ik miste haar aanwezigheid. Ik had niemand meer om mee te praten. Mijn moeder wou nooit meer een dier nemen, ze kon het niet aan opnieuw een huisdier te zien sterven. Maar ik kon de stilte niet aan. Zonder Tosca was het huis leeg. Ik begon naar een nieuwe hond te zoeken, een nieuwe vriend. Toen ik mijn ouders had overgehaald, vond ik een organisatie die zwerfhonden vanuit Spanje naar Nederland bracht. Daar zag ik Jimmy.

Alles werd door de organisatie geregeld: zijn paspoort, vlucht, vaccines, alles. Het enige wat ik hoefde te doen was hem op te halen van het vliegveld, en natuurlijk, te betalen. Toen het moment er eindelijk was reden mijn moeder en ik naar Schiphol om hem op te wachten. Ik was zo zenuwachtig! Wat als hij me niet leuk vind, of als ik hem niet leuk vind, dacht ik. Ik kreeg er zelfs nachtmerries over. Mijn moeder probeerde me gerust te stellen en gaf me een zak hondensnoepjes mee. Toen we aankwamen stond er een grote groep mensen die ook hun nieuwe viervoeter opwachtten. Bang dat er iets mis kon gaan schreef ik een bord met zijn naam erop. Nu kon er niets mis gaan!

Ik had mezelf steeds afgevraagd wat voor hond hij zou zijn en of we met elkaar overweg zouden kunnen gaan. Het eerste wat ik leerde was dat Jimmy heel goed was in pootjes geven: het was het eerste wat hij deed toen hij uit zijn kooi stapte. Met elk pootje gaf ik hem een snoepje. Maar hij bleef doorgaan, en de zak was snel op. Het was liefde op het eerste gezicht.

Uiteindelijk werd hij mijn beste vriend. Hij volgde me overal, hij was de eerste die ik in de ochtend zag, de laatste die ik ’s avonds gedag zei. We waren onafscheidelijk. Hij was pas negen maanden toen en zelf leerde ik hem alles. Als geen ander begreep hij mij en ik hield van hem. Maar ik werd ouder, kreeg vrienden, een vriendin, een baan, en begon te studeren. Ik probeerde zo goed als ik kon voor hem te zorgen, en soms zorgde mijn ouders voor hem. Toen ik ook nog eens op mezelf ging wonen werd het onmogelijk voor hem te zorgen. Ik voelde me zo schuldig als ik hem weer eens thuis alleen liet, en begon te beseffen dat ik geen tijd meer had voor hem.

Een paar maanden geleden heb ik mijn beste vriend weggegeven.

Hij woont nu bij een echtpaar op het platteland. Het klinkt ideaal, maar ik vraag me af hoe het is voor hem. Nooit zal ik weten of hij daar gelukkig is, of dat hij me mist. De dag voor zijn vertrek gaf ik een afscheidsfeest. Ik dacht dat het zo makkelijker zou worden om vaarwel te kunnen zeggen. Maar hij had geen idee wat er gebeurde en ging er enthousiast in mee. Hoe neem je afscheid zonder dat diegene weet dat hij vertrekt? Soms vraag ik me af hoe het geweest zou zijn als ik zijn gedachtes had kunnen lezen. Vond hij het erg om alleen te zijn, wou hij bij mij blijven? Zou hij dag hebben gezegd?

Beste Theo,

Zal het leven me dan nooit fatsoenlijk behandelen? Ik word verscheurd door wanhoop! Mijn hoofd bonst! Mevrouw Sol Schwimmer heeft een aanklacht tegen me ingedeind imdat ik een brug bij haar heb gemaakt zoals mijn hart mij ingaf, en niet in haar belachelijke gebit te passen! Jazaker! Ik werk niet op bestelling, als een gewone ambachtsman! Ik had besloten dat haar brug felbewogen, reusachtig, moest zijn, met wilde explosieve tanden die naar alle kanten uitvlammen als vuur! En nu is ze boos dat hij niet in haar monst past! Wat is ze toch burgerlijk en dom. Ik zou haar wel willen slaan! Ik heb geprobeerd de burg in haar mond te wurmen, maar hij bleef naar buiten steken als een flonkerende kroonluchter. Niettemin vind ik hem schitterend. Ze beweert dat ze niet kan kauwen! Wat kan mij dat schelen! Theo, ik kan dit niet langer verdragen! Ik heb Cézanne gevraagd of hij de praktijk samen met mij wil doen, maar hij is oud en verzwakt en niet meer bij machte de instrumenten vast te houden. Ze moeten aan zijn polsen worden vastgebonden, maar dat gaat ten koste van de precisie. ALs hij eenmaal in een mond aan de gang is ruïneert hij meer tanden dan hij er redt. Wat moet ik doen?

Vincent

Beste Theo,

Ik heb van de week een paar röntgenfoto's gemaakt. Ik vond ze wel geslaagd. Toen Degas ze zag was hij nog kritisch. Hij zei dat de compositie niet deugde. Alle gaatjes zaten op een kluitje in de linkerbenedenhoek. Ik legde hem uit dat mevrouw Slotkins gebit er nu eenmaal zo uit ziet, maar daar wilde hij niet van horen! Hij zei dat hij de lijsten afschuwelijk vond en dat mahonie veel te zwaar was. Toen hij vertrokken was heb ik ze aan flarden gescheurd! Tot overmaat van ramp werk ik, toen ik probeerde mevrouw Wilma Zardis een wortelkanaalbehandeling te geven midden in het werk overvallen door moedeloosheid. Ik besefte plotseling dat ik helemaal geen wortelkanaalbehandelingen wil behandelen! Het bloed steeg me naar het hoofd en ik werd duizelig. Ik rende de behandelkamer uit, de frisse lucht in, waar ik kon ademhalen! Ik had een black-out, die verscheidene dagen duurde en werd wakker aan het strand. Toen ik terugkwam zat ze nog steeds in de stoel. Ik voltooide de behandeling plichtmatig, maar kon me er niet toe brengen het werk te signeren.

Vincent

Beste Theo,

Alwéér zit ik in geldnood. Ik ben me ervan bewust hoezeer ik je tot last ben, maar tot wie kan ik me anders wenden? Ik heb geld voor materiaal nodig! Ik werk nu bijna uitsluited met tandzijdel ik improviseer maar wat, en de resultaten zijn opwindend! Ik heb zelfs geen cent meer voor Novocaïne! Vandaag heb ik een kies getrokken en moest ik de patiënt verdoven door hem een paar bladzijden Dreiser voor te lezen.
Help me.

Vincent

Beste Theo,

Ik heb besloten samen met Gauguin te gaan praktizeren. Een uitstekend tandarts! Hij is gespecialiseerd in bruggen en mag me geloof ik nogal. Hij is gespecialiseerd in bruggen en mag me geloof ik nogal. Hij compimenteerde me met mijn behandeling van de heer Jay Greenglass. Misschien herinner je het je nog: ik vulde zijn zevende kies onder, was niet tevreden met de vulling en wilde hem weer verwijderen. Greenglass was daar echter niet toe te bewegen en ik daagde hem voor de rechter. Het was een kwestie van juridisch eigendom en op advies van mijn advocaat eiste ik heel slim de hele kies en nam ik uiteindelijk genoegen met de vulling. Welnu: iemand zag hem in een hoekje van de behandelkamer liggen en wil hem nu exposeren! Er wordt al gesproken over een overzichtstentoonstelling!

Vincent

Deze briefwisselingen zijn een selectie uit de tekst Als de Impressionisten tandartsen waren uit Woody Allen´s Ja, maar kan een stommmachine dat ook?
Nederlandse vertaling door Aris J. van Braam (1980).

Galina Ustvolskaya is geen gewone held. Ze is een anti-held. Ze heeft er alles aan gedaan om niet bekend te worden, laat staan beroemd. Het is haar niet gelukt. Daarvoor is Ustvolskaya’s muziek te onontkoombaar overweldigend.

Ze heeft 25 werken nagelaten, totaal zes uur muziek. Maar elk werk is een monument, letterlijk en figuurlijk. Na afloop van het concert dat in 1996 in het Concertgebouw in Amsterdam plaatsvond en waar het Koninklijk Concertgebouw Orkest onder leiding van Mstislav Rostropovitch ondermeer de Symfonie nummer 2 van Galina Ustvolskaya had uitgevoerd, was het publiek letterlijk met stomheid geslagen. Men was zo verpletterend onder de indruk, dat het minutenlang doodstil bleef alvorens een ovatie losbarstte. Voor Ustvolskaya telde alleen de muziek, de rest: ijdelheid. Daarom en om de fabelachtige kracht van haar muziek is ze een held voor mij.

In de documentaire van Cherry Duyns, waarin Reinbert de Leeuw de teruggetrokken componiste (Ich bin menschenscheu) bezoekt, vangen wij een glimp op van het flatgebouw waar zij vrijwel haar hele leven woonde en van haar piepkleine flatje zelf.