241 Things

1000 Things is een subjectieve encyclopedie van inspirerende ideeën, dingen, personen en gebeurtenissen.

Lees de meest recente artikelen, of mail de redactie om bij te dragen.

Studium Generale 1000things lectures, The Hague

241 Things

We rijden door de heuvelachtige bossen van Noord Engeland. De bus past maar net door de kronkelige wegen die leiden naar de ingang waar we uitstappen en door de koude nacht over het natte gras de heuvel oplopen. In de verte is een klein gebouw zichtbaar in de duisternis. Het is de Merzbarn van Kurt Schwitters.
In de jaren 20 begon Schwitters aan zijn Merzbau in Hannover. In een manie transformeerde hij de kamers van zijn huis en studio op dramatische wijze tot abstracte grotten door de muren, vloer, en plafonds met gips, ijzerdraad, hout, verf, en vreemde objets trouvés te overladen. De Merzbau in Hannover is tijdens de bombardementen door de Geallieerden totaal verwoest.

Hannover Merzbau

Nadat Schwitters tot Entertete Kunstler (gedegenereerde kunstenaar) werd benoemd ontvluchtte hij Duitsland om zich in Noorwegen te vestigen waar hij aan een tweede Merzbau begon, ‘Haus am Bakken’. Ook deze Merzbau, waar geen foto’s van bestaan, werd binnen tien jaar vernietigd, deze keer door vuur.
De laatste en onvoltooide Merzbau is de Elterwater Merzbarn in het Engelse Cumbria waar Schwitters vanaf 1945 tot aan zijn dood drie jaar later leefde. Het bouwsel moest een modernistisch hol worden waar elke muur met dikke lagen plamuur zou worden bedekt en sculpturen vanuit de oppervlakten zouden stijgen en in organische abstracte vormen het landschap rondom zouden weerspiegelen. In dit afgelegen oord met al zijn koud en natte weer werkte Schwitters toegewijd aan het voltooien van zijn meesterwerk in die kleine schuur die, als het zwaar regende, steeds onder water liep. Hij zou het werk nooit voltooien, voordat hij stierf lukte het hem om maar een muur af te maken.
Het donkere bezoek aan de Merzbarn
We worden begroet door Ian Hunter, de inwonende verzorger van het landgoed waar de schuur zich bevindt. De kleren die hij draagt zijn simpel en zijn haren zijn grijs. Als we eenmaal in de donkere schuur staan schijnt hij zijn zaklamp over de bijna lege ruimte waar er weinig te zien is behalve een levensgrote foto van het kunstwerk op de plek waar de muur vroeger stond. De originele muur is in de jaren 60 naar het museum in Newcastle verhuisd nadat het jaren in verval heeft gelegen. Ian vertelt ons over Schwitters, hoe hij zijn Duitse nationaliteit verwierp, zijn bijdrage aan modernistische kunst, maar bovenal zijn liefde voor de kunstenaar en zijn blijdschap over het mogen bezitten van de grond waar Schwitters zijn laatste werk verrichtte.

De Merzbarn overdag

Ian neemt ons naar een tweede kleine schuur die hij en zijn vrouw als eetkamer en keuken gebruiken. Hier worden we opgewacht door twee gigantische pannen stomende hete soep. Terwijl we eten vertelt Ian ons hoe hij de schuur vond in een verregaande staat en hoe hij niet kon aanzien dat Schwitters laatste nalatenschap weg zou kwijnen. En dus verliet hij zijn goedbetaalde baan als curator bij een grote museum, verzamelde hij zijn spaargeld en kocht het landgoed dat hij nu vanuit eigen zak onderhoudt.

Soep bij de Hunter's thuis, 2013

We staan weer buiten en Ian schijnt zijn zaklamp op een groene heuvel. Daar is hij van plan de Merz Shed te bouwen die een tentoonstellingsruimte en een educatief centrum zullen huizen. Als het goed is wordt er binnenkort een replica van de muur gebouwd op de plek waar de originele ooit stond. Hij hoopt dat er in een naburig dorp het Kurt Schwitters museum zal worden opgericht. Na onderzoek blijkt dat dit alles 6 miljoen pond zal kosten. Er klinken weinig positieve geluiden vanuit de fondsen. Intussen zal Ian met liefde voor dat kleine schuurtje blijven zorgen waar Schwitters’ ooit aan zijn laatste Merzbau was begonnen.

Kurt Schwitters en Hilde Goldschmidt met de Merzbarn, 1947